110. Intuïtie en hulpvaardige stemmen

28-03-2021
Je kent het wel. Zo’n stemmetje in je hoofd dat je ingeeft om de achterdeur op slot te doen voordat je het vergeet. Eerst koffie, denk je. In de auto vraag je je af wat je niet moest vergeten. Totdat je bij thuiskomst de achterdeur wagenwijd open vindt en in de woonkamer naar lege vlakken aan de muur tuurt waar bij je vertrek nog een paar dure schilderijen en een 77 inch tv prijkten.
Ook ik negeer het stemmetje weleens. Dat trouwens geregeld van mijn moeder is. Overleden in 2007, drukt ze me nog steeds op het hart om de leuning van de trap vast te houden of om dat glas rode wijn niet op de leuning van de stoel te zetten. Begin februari wil ik door het winterse stadscentrum wandelen. Je kan beter thuisblijven, maant mijn moeder, voordat je valt. Gisteren heb ik anderhalf uur door de sneeuw gelopen, zeg ik, en toen hoorde ik je ook niet. En dus ga ik naar buiten. En glibber prompt onderuit. Begin april krijg ik een MRI omdat ik nog steeds niet zonder pijnscheuten in mijn rechterknie kan lopen of fietsen.
Je intuïtie voorziet je van allerlei onberedeneerde raad en inzichten. Soms het resultaat van ervaringen uit je verleden, dan weer vanuit een onbewust logische gedachtegang. Die raad is niet altijd nuttig. Zeurt iemand in je hoofd dat je een paniekaanval krijgt zodra je dat plein oversteekt of dat je stikt als je die volle lift instapt (die vervolgens naar beneden stort)? Laat je niet langer tegenhouden en zoek professionele hulp. Heeft mij mooi van mijn vliegangst afgeholpen.
Die wenken van praktische aard – al dan niet van je moeder of als onbewust opgediepte aanvulling op je rationele denken – zijn veilig en kan je maar beter opvolgen. Doe je dat niet, dan zou het weleens op een gevalletje: ‘wie niet horen wil, moet voelen’ kunnen uitlopen.
 
 
< vorige blog: 109. Lichtwerkers volgende blog: 111. Wijsheid van de minderheid >
 
 
inDelen